Egypte bestaat voor het grootste deel uit woestijn. Dwars door de woestijn stroomt, van het zuiden naar het noorden, de rivier de Nijl. Door de Nijl kende Egypte drie seizoenen: het natte seizoen, het zaaiseizoen en het oogstseizoen.

In de winter overstroomde de Nijl en in de lente waren de oevers van de Nijl vruchtbaar. De boeren zaaiden tarwe, gerst, linzen, fruit en nog veel meer. Na een paar maanden konden de boeren dan oogsten.

Soms overstroomde de Nijl niet. De oevers droogden dan uit. Dat betekende honger voor de mensen. Daarom gingen de boeren met dijken, kanalen en vijvers werken. De boeren bedachten irrigatie: ze leidden het water naar plaatsen waar het niet vanzelf kwam. De boeren werkten samen om elkaar te helpen.

Ze bedachten ook slimme hulpmiddelen, zoals een hefboom. Voortaan werkten de boeren ook in de zomer op het land. Er was nu bijna het hele jaar genoeg water en dus genoeg te eten. Onder de zon groeide alles extra snel en de boeren konden wel drie keer per jaar oogsten.

Veel boeren kozen een ander beroep. Egypte werd een rijk land.

LIed: De Nijl
© 2018 Ton Huijsman

Audio 'de rivier de Nijl' (karaoke) volledige versie

Lied versieren

De Nijl tussenspelen afb
© Ton Huijsman

 

tussenspelen de nijl afb
© 2018 Ton Huijsman

Body drums

Body drums De Nijl
Ostinato Ritme

Speel dit ritme ook:

  1. met slaginstrumenten (bij de tussenspelen)
    1. De 'voet'-noten met handtrom of castagnetten
    2. De 'klap'-noten met schellenraam of tamboerijn
  2. met boomwhackers en/of klankstaven (bij de tussenspelen) 
    1. De 'voet'-noten met D
    2. De 'klap'-noten met A

 

Improvisatie

Enkele leerlingen improviseren een voor- of tussenspel op de geprepareerde xylofoon(s). Om dit te oefenen kan het geluidsbestand van het lied als begeleiding of achtergrond gebruikt worden.

In de klas en bij de presentatie: de rest van de leerlingen spelen het bovenstaande ostinato ritme met bodydrums, percussie instrumenten en boomwhackers.

Dans

Van de volkeren die leefden ten tijde van de Oudheid weten aardig wat over hun rituelen en hun dans. Zo zijn er van de oude Egyptische beschaving, die ontstond rondom de vruchtbare Nijldelta, vele afbeeldingen en beschrijvingen van dans bewaard gebleven.

En ook van de culturen rond de Middellandse Zee, zoals het Griekse rijk of het Romeinse imperium, is veel bekend. Dans stond in deze rijken vaak in hoog aanzien. Ook hier werd gedanst om de goden te vereren, maar in de loop der tijd ontwikkelden zich andere vormen van dans. Hierbij trad het uitbeelden van een verhaal meer op de voorgrond.

De theaterdans, zoals wij die nu kennen, heeft zijn wortels in het Griekse rijk.

1: Leer de Egyptische Tutt (Hip-Hop) met dit instructiefilmpje (KLIK) en voer deze uit tijdens het REFREIN van het lied.

2: Leer vervolgens de basis buikdansbeweging in dit instructiefilmpje (KLIK) en voer deze uit tijdens het INTRO, de TUSSENSPELEN, het COUPLET en de OUTRO van het lied.

3: Walk like an Egyptian In dit filmpje doen allerlei mensen een 'Egyptisch loopje' na. Loop ook eens, zogenaamd als een Egyptenaar, door de klas.

1. Algemeen

Muziek en dans speelden in het Oude Egypte een belangrijke rol. De Egyptenaren beschouwden muziek als een manier om vrolijk te worden en om hun zorgen te vergeten. Bovendien diende muziek om godheden te eren.

Klank en techniek
In het Oude Egypte werden voornamelijk de slag- en snaarinstrumenten gebruikt om de liederen te begeleiden. De snaarinstrumenten speelden de melodie, en soms een bourdon-begeleiding. De slaginstrumenten en handgeklap dienden als ritmische begeleiding.

Tempelmuziek was vrij eentonig: er klonk een sistrum (een soort schellenraam), en dat werd begeleid door de stem van zangers of zangeressen.

De muziek die op feesten werd gespeeld bestond uit ensembles van instrumenten als de luit, percussie, fluit en kleppen, die begeleid werden door de stemmen van alle aanwezigen. (Video met oude Egyptische muziek)

De belangrijkste noten van een melodie in de oud-Egyptische muziek waren pentatonisch (= 5-tonig), zoals kan worden opgemaakt uit het aantal gaten en de positie daarvan op de fluiten. Door met de fluit te hellen en de lippen te verplaatsen konden de musici verhogingen (kruisen) en verlagingen (mollen) spelen.

2. Blaasinstrumenten

Blaasinstrumenten (fluiten - de 'Nei') waren de eerste muziekinstrumenten die in de Egyptische muziek werden gebruikt. (Bekijk Video)

Onder militairen en in het kader van de verering van goden als Ptah en Ra werden ook trompetten gebruikt, waarvan de trompetten van Toetanchamon een voorbeeld zijn. De trompet werd gebruikt sinds het Nieuwe Rijk.

3. Percussie

Slaginsrumenten waren in de Egyptische muziek heel populair. De goden Sekhmet en Bes werden geassocieerd met de percussie. De twee belangrijkste percussie-instrumenten waren de menat (kleine castagnetten), en het sistrum. Castagnetten waren in de mythologie opgedragen aan Hathor en het sistrum was vooral een middel om Aton te eren. Leden van een orkest, maar ook het publiek, klapten in hun handen ter ondersteuning van het ritme. Dit handengeklap was een vast onderdeel in veel liederen. (Video over andere Egyptische slaginstrumenten)

4. Snaarinstrumenten

De derde en laatste instrumentengroep was de groep van de snaarinstrumenten.
Sinds het Oude Rijk werden bogen uit de jacht gebruikt om harpen van te maken. Zulke harpen kregen aanvankelijk acht tot twaalf snaren die waren gemaakt uit de darmen van dieren. De harpen werden zowel door mannen als door vrouwen bespeeld. (Video met harpmuziek)

De lier werd tijdens het Middenrijk ingevoerd vanuit het Oude Nabije Oosten. Vanaf de periode van het Nieuwe Rijk werd de lier het populairste snaarinstrument. (Video met liermuziek)

De luit (de Oud) werd net als de lier ingevoerd uit het Oude Nabije Oosten. Aan het begin van het Nieuwe Rijk werd de Oud het populairste snaarinstrument. Dat is tot op de dag van vandaag zo.

Voorbereiden

Leer het lied en bodydrums 1 en 2 in het tabblad 'spelen'. Leer de dansjes in het tabblad 'bewegen'. Prepareer een of meer xylofoons:

  • vervang de staven F voor F#
  • vervang de B voor Bb
  • haal de staven E er uit.
  • plak gekleurde stickers op de D (voor de grondtoon) en op de A. Beide tonen zijn begin- of eindtonen voor een improvisatie

Klaarzetten

Handtrom, schellenraam, boomwhackers D G en A, de geprepareerde xylofoon(s), klankstaven D F# G en Bb

De les

Geschiedenis

Lees en bespreek met de leerlingen de tekst van het tabblad 'geschiedenis'.

Lied

Zing het lied een aantal keren voor en vestig de aandacht op het Arabische karakter van de melodie. Stel verschillende luistervragen die betrekking hebben op de tekst en op de melodie. Geef het lied achtereenvolgens weg:

  1. Refrein
    1. .... in de brand (laatste drie woorden/noten)
    2. Loop niet met je blote voeten door het zand.
    3. Voor je't weet dan staan je tenen....  (in de brand).
  2. Couplet
    1. ....met de drie seizoenen mee
    2. ....jaarlijks ieder mens zijn heil
    3. ....dat stemt ieder mens tevreé
    4. ....daar stroomt de rivier de Nijl
    5. Boeren konden zaaien en oogsten...
    6. Drie seizoenen bracht in Egypte...
    7. 't Overstromen van de rivier...
    8. Midden door de droge woestijn...

Wanneer de leerlingen het lied goed kennen, of bij een volgende muziekles, worden eerst de bodydrums en vervolgens de instrumenten (tabblad 'spelen'). De dansjes (tabblad 'bewegen') worden het laatst aan het lied toegevoegd. Ze kunnen ook als losse 'energizers' bij andere lessen apart geleerd en geoefend worden.

Spelen

Laat de leerlingen het bodydrum ritme van het tabblad 'spelen' zelf uitzoeken en spelen. Help ze daarmee en corrigeer daar waar nodig.

Deel vervolgens handtrommels en schellenramen uit en laat voer het ritme met deze instrumenten uit.

Bewegen

Op dit tabblad staan linkjes naar twee korte, simpele, dans-instructiefilmpjes. Kies een van de 2 uit om met de leerlingen in de klas aan te leren en voer deze uit tijdens het zingen van het lied. In dezelfde les, of in een volgende, kan eventueel ook het dansje in het 2de filmpje aangeleerd worden.

Mens en Muziek

Lees en bespreek met de leerlingen de tekst en bekijk de filmpjes. Download het werkblad en deel het uit.

Laat de video van The Bangles zien: Walk like an Egyptian.

Presentatie

Optie 1: Probeer de verschillende elementen/werkvormen van deze les samen te brengen tot een samenhangend geheel. Doe dit bij voorkeur in overleg met de leerlingen. Laat ze zelf ideeën aanvoeren en bespreek deze in klasverband.

Optie 2: Laat de leerlingen zelf de voorstelling (presentatie) organiseren. Laat ze zelf een regisseur en/of een dirigent (of klankregisseur) aanwijzen die het oefenen leid(en).

Optie 3: Als de bovenstaande opties niet in aanmerking komen (door tijdgebrek, chaotische klas enz.) kun je het volgende plan uitvoeren:

  1. Toneelopstelling (gezien vanaf de zaal): Vooraan, in het midden, staan één of meer geprepareerde xylofoons klaar. Links op het toneel liggen de percussie instrumenten, rechts op het toneel liggen de boomwhackers en de klankstaven op de grond.
  2. Opkomst
    1. Een leerling komt op, neemt plaats bij de (middelste) xylofoon en improviseert een solo. (volgt 2 of 3)
    2. Andere leerlingen komen op, nemen plaats bij de andere xylofoons en beginnen mee te improviseren.
    3. De rest van de klas komt op (vanaf de beide zijkanten van het toneel), het ostinato ritme spelend met body sounds, en verspreiden zich over het toneel. Leerlingen die zijn aangewezen voor de percussie instrumenten, boomwhackers en klankstaven, nemen hun plaats in aan de zijkanten van het toneel en nemen hun instrumenten op (zonder geluid). De improvisatie op de xylofoons gaat door en krijgt nu meer vorm.
    4. Op een teken van de leerkracht of de 'regisseur', beginnen de leerlingen links van het toneel het al klinkende ostinato ritme mee te spelen. De improvisaties op de xylofoons krijgen nu meer ondersteuning.
    5. Op een teken van de leerkracht beginnen de leerlingen met de boomwhackers D en A het ritme mee te spelen. De improvisaties op de xylofoons zijn nu volledig ondersteund en vormen nu de intro.
    6. Op een teken stopt de improvisatie (maken het af) waarop de klas het lied kan gaan zingen.
  3. Lied: In ABA vorm:
    1. A - Het lied wordt gezongen met begeleiding van het ostinato door de instrumenten (behalve de xylofoons).
    2. B - Alle instrumenten spelen (boomwhackers DA) het ostinato ritme. Er wordt geïmproviseerd op de xylofoons tijdens B2.
      1. B1: terwijl de 'Tuth' dansvorm wordt uitgevoerd zoals bij het refrein.
      2. B2: na de 'Tuth' volgt nu de 'buikdans' zoals bij het couplet.
    3. C - Het lied wordt wederom gezongen; tijdens het couplet wordt de buikdans uitgevoerd, tijdens het refrein wordt (door allen) de 'Tuth' dans uitgevoerd.
  4. Afsluiting: Na het lied wordt nog 8 maten geïmproviseerd onder begeleiding van de instrumenten. Tijdens de improvisatie verlaat iedereen het toneel al spelend het ostinato ritme met bodysounds. Als iedereen van het toneel verdwenen is stopt de improvisatie op de xylofoon. De leerling gaat het podium af met de Egyptian Walk (The Bangles - 'Walk like an Egyptian').
  5. Applaus: Tijdens het applaus komt iedereen het podium op, buigt en gaat tenslotte het podium af met de 'Egyptian Walk' (The Bangles).